naar de Voorpagina

Joeperoog

Persoonlijk voornaamwoord
Miawant

Het persoonlijk voornaamwoord wordt in het Plattegonisch miawant genoemd. Het geeft antwoord op de vraag: mia wie.

als onderwerpals voorwerp
maikmasmij
lin jij, u lis jou, u
tae hij=zij taes haar=hem
te hij tes hem
ta zij tas haar
cad het cad het
mai wij mais ons
lini jullie, u linis jullie, u
ti zij tis hen
oe men, 'je' oes 'je'
--nit zich
--flisi elkaar

Bijzonderheden

  • Het Plattegonisch kent, net als het Engels, geen aparte vorm voor U.
  • Tae is de algemene aanduiding voor de derde persoon enkelvoud. Het wordt gebruikt in die gevallen waarin beide genders worden aangesproken en het Nederlands zich moet behelpen met hij/zij. Ook komt het voor in officiële teksten.
    Stradar maksa taen egan berrstili. Laat iedereen haar/zijn eigen drankjes betalen.
    Hofstukk 5 limer 1: Tae di bemtache lesnis katumkait… Artikel 5 lid 1: Hij die dit bankbiljet vervalst…
  • Met oe wordt een algemene, niet nader aangeduide derde persoon aangegeven, in het Nederlands vaak 'men' of 'je'.
    Anders dan in het Nederlands, waarin men alleen als onderwerp voorkomt, kent het Plattegonisch oes als voorwerp en oen als bezittelijke vorm:
    Tat ats oe bat me sla oe fus i tizive! Zoiets doet men niet als men op visite is!
    «…Tscha, oe sus moewa cadnas pe aeh… zimnas tae posso pe me e oes aitsch mandi ettat, rivo oen ost ettat, zimnas oe quessa bats maanus aeh …» «…Tja, je weet hoe dat gaat hè… dan gaat-ie je weer allerlei vragen stellen enzo, over je verleden enzo, dan zeg je maar niets meer hè …»

→ Verwar oes niet met het hulpwerkwoord oes.

naar boven
eaudi

De voorwerpsvorm

De voorwerpsvorm wordt gebruikt:

  • als de persoon lijdend voorwerp is
  • na een voorzetsel
Ma volo trize lis. Ik wilde je horen.
Bat gesa mas. Vergeet me niet.
moentau tis achter hen

Na de vergrotende trap + sla kan zowel de onderwerpsvorm als de voorwerpsvorm voorkomen.
gakus sla mas °groter als mij   is dus korrekt Plattegonisch!

Ta skende ganus sla te.
Ta skende ganus sla tes.
Zij klimt hoger dan hij.

Voor het meewerkend voorwerp gebruikt het Plattegonisch het voorzetsel e + voorwerpsvorm.

e mas aan/voor mij
e lis aan/voor jou, u
e nit aan/voor zich
e flisi aan/voor elkaar

Terzijde — Naast deze vormen bestaat er ook nog een datief die zeer zelden, en dan alleen nog in poëzie, wordt gebruikt.
mar, lir, taer, tar, ter, cadir, mair, linir, tir, oer, nitir, flisir.

naar boven
eaudi

Nit: zich

Het Plattegonisch kan nit zich ook in de eerste en tweede persoon gebruiken:

Ma kike nit
Ma kike mas.
Ik bekijk me.
Lin olitse nit
Lin olitse lis.
Je scheert je.
Mai bat sento nit bem
Mai bat sento mais bem.
Wij voelden ons niet goed.
Ma nit gurizo
Ma mas gurizo.
Ik draaide me om.

Wat betreft de derde persoon: let op het verschil tussen

Te nit gurizo. Hij draaide zich om. (zichzelf)
Te tes gurizo. Hij draaide hem om. (een ander)

naar boven
eaudi

Flas: zelf

Hoewel het woord 'zelf' volgens de E-ANS een aanwijzend voornaamwoord is, noemen wij hem hier toch nog even onder de persoonlijke voornaamwoorden.

Ma kiko masflas.
Ma kiko nitflas.
Ik keek naar mezelf.
Te nitflas gurizo. Hij draaide zichzelf om.
Teflas nit gurizo. Hijzelf draaide zich om.

naar boven
eaudi

Flisi: elkaar

Mai kiko flisi. We keken naar elkaar.

naar boven
eaudi